PvdA deelt prijs uit aan PvdA

(Door Pamela Hemelrijk)

"De PvdA", las ik dezer dagen in mijn eigen krant, "heeft van alle politieke partijen de beste campagne gevoerd. De sociaal-democraten ontvangen daarom op 11 februari de Nieuwspoort Campagneprijs, ingesteld door het gelijknamige Internationaal Perscentrum."

Mijn mond viel open. Sinds wanneer rekent de pers het tot zijn taak politici te bekronen omdat ze zo mooi reklame voor zichzelf hebben gemaakt? Van ons belastinggeld nog wel?

Nou, sinds een jaar of vijf, kan ik u mededelen. Navraag bij Nieuwspoort leerde dat die prijs in 1998 voor het eerst is uitgereikt. And the winner was toen..... u raait het alwéér! De: Partij van de Arbeid! ("Give them a big hand folks!") O ja! Dat vergeet ik er nog helemaal bij te vertellen! In 2002 is er op de valreep van afgezien om de prijs toe te kennen. Want de campagne was toen immers "stilgelegd" na de moord op Fortuyn. Nou ja, "stilgelegd": er staat me nog levendig bij dat Wim Kok toen, aan de vooravond de verkiezingen, op alle netten tegelijk verscheen, om ons te bezweren dat stemmen op de LPF een riskant avontuur was, en dat hij elke vezel van zijn lichaam inzette om duidelijk te maken waarom stemmen op Zijn Partij belangrijk was. Dus goed beschouwd had Wim Kok die prijs toen dubbel en dwars verdiend met deze meesterzet. Maar dat was dus géén campagnevoeren. Dat u dat goed begrijpt.

En nu bent u natuurlijk razend benieuwd naar de jury die deze prestigieuze prijs wederom aan de PvdA heeft toegekend. Dat was ik ook. Dus heb ik daarnaar een onderzoek ingesteld. En hier komen de resultaten van dat onderzoek. Het meest opvallende jurylid is ene Peter Kramer, thans directeur voorlichting bij Verkeer en Waterstaat, en: voormalig campagneleider van de PvdA! Verder: Peter Zuidgeest, thans communicatie-adviseur, en voorheen ambtenaar op het ministerie van Onderwijs; Kees van der Malen, thans hoofdredacteur van het Leids Dagblad, voorheen werkzaam op de Haagse redactie van de NRC; ene Piet Wapperom (reklamedeskundige); en prof. Cees van der Eijk, left-wing politicoloog, kunnen wij met een gerust hart stellen (want de eerste níet-leftwing politicoloog moet in dit land nog geboren worden) aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is de voorzitter.

"Dus", piepte ik ongelovig tot Nieuwspoort-voorzitter Max de Bok, "als ik het goed begrijp gebruikt Nieuwspoort onze contributie om de ene PvdA-er prijzen te laten uitreiken aan de andere PvdA-er? Zeg op, wat heb je gestemd?" "Dat gaat je niets aan", zei de Bok. Max de Bok, dat moet ik er even bijzeggen, is actief PvdA-lid, en heeft jarenlang het PvdA-huisorgaan volgepend. Niettemin koestert hij nog steeds de illusie dat wij in het duister tasten omtrent zijn stemgedrag. Het lijkt waarachtig wel of hij zich schaamt voor zijn politieke voorkeur!

Als dat het geval is, dan heeft ie dat gemeen met de andere juryleden. Peter Zuidgeest wilde ook al niet vertellen wat hij stemt. Ook bij de overige juryleden heb ik die vraag laten deponeren, maar ik zit nog steeds op antwoord te wachten.

De trofee, kan ik u mededelen, is een artistieke skulptuur, vervaardigd door de Haagse kunstenaar Hendrik Koomen. "Wat heeft dat ding gekost?" blafte ik tegen de Bok. Dat wist de Bok niet. "Waar kan ik die kunstenaar dan bereiken?" brieste ik. "Dan vraag ik het hem zelf wel." Dat wist de Bok ook niet. Sterker nog: niemand bij Nieuwspoort kon mij hieromtrent opheldering geven. Terwijl de uitnodigingen voor de plechtigheid toch dezer dagen verstuurd worden, en ik toch mag aannemen dat Hendrik Koomen tot de genodigden behoort. Ik heb nog gezocht op de website van Nederlandse galeries, maar daar komt Hendrik Koomen niet voor. Als hij al beeldend kunstenaar is, dan heeft ie nog nooit in Nederland geëxposeerd. (Ik hou het er voor het gemak maar op dat hij een beeldhouwende zwager is van professor van der Eijk, of een boetserende bastaardzoon van Max de Bok. En ik brand van nieuwsgierigheid naar het honorarium dat hij voor zijn huisvlijt heeft ontvangen. Maar ja, ik kan het hem helaas niet vragen: als het Internationaal Perscentrum, dat nota bene zelf een beeld van hem heeft aangekocht, hem niet eens kan traceren, dan houdt alles op. Zeg nou zelf.)

Enfin; ik ga 11 februari naar Nieuwspoort, zoals u begrijpt. Want dát moet ik zien. En ik zou het op prijs stellen als de Biologische Bakkersbrigade, die leuke ludieke actiegroep waar ze in Nieuwspoort zo dol op zijn, dan ook acte de présence zou willen geven. Een taart met braaksel en kippestront hoeft niet, maar een flinke Limburgse rooiebessenvlaai, recht in het smoel van Max de Bok, dat is toch zeker niet teveel gevraagd?

Pamela Hemelrijk
(bron: www.theovangogh.nl)

(Door Dick Berts, journalist)

Het onbehagen in de politiek neemt toe. Doofpotten en corruptie-schandalen beheersen in heel Europa de voorpagina's. Maar er is vooral behoefte aan rechtstreekse informatie, zonder bemiddeling van de klassieke media. Internet voorziet daarin. De Databank noteert deze dagen records in bezoekersaantallen. De gedachte aan een politieke samenzwering tegen Pim Fortuyn is officieel taboe. Toch zijn daar aanwijzingen voor, aldus Dick Berts. Het typisch Nederlandse idee dat iedereen die een samenzwering vermoedt, zelf een beetje gek is, werkt stille samenspanning bij de autoriteiten in de kaart (Theo van Gogh).

Op dinsdag 14 mei 2002 zei Frits Wester in het RTL4 Nieuws het volgende over de Commissie van der Haak, die het gebrek aan beveiliging van Pim Fortuyn aan het onderzoeken is: "In de marge van hun onderzoek zullen ze ook proberen een aantal complottheorieën uit te sluiten". Niet onderzoeken, maar uitsluiten dus, als vooropgezet doel. Demissionair minister van Binnenlandse Zaken Klaas De Vries liet eerder weten, dat bij zijn ministerie, de BVD en de Rotterdamse politie 'geen concrete dreiging' bekend was geweest. Een kind kan begrijpen dat dit een leugen van de allergrofste soort is. Alleen al door het feit dat Fortuyn eerder twee taarten gemaakt van stront, pies en braaksel in zijn gezicht had gekregen. Maar Klaas De Vries beheerst de kunst van het liegen tot in de puntjes. Dankzij zijn virtuositeit op dit gebied kon Klaas vaak de Tweede Kamer zand in de ogen strooien. Daarover later meer op deze pagina.

Ik ben in het bezit van een klein boekje dat met gemak door de heer De Vries geschreven zou kunnen zijn. Het draagt de curieuze titel "De kunst van het liegen" en is gedrukt voor de Britse Voorlichtingsdienst door de Landsdrukkerij te Londen in 1944. Het boekje beschrijft de prestaties van een groot Duits aartsleugenaar uit deze periode. "Er is in de grove leugen altijd iets geloofwaardigs gelegen, omdat de grote massa in een land in haar primitieve eenvoud van geest eerder het slachtoffer van een grote dan van een kleine leugen wordt, aangezien zij zichzelf aan leugens om kleinigheden schuldig maakt, maar zich ervoor zou schamen leugens op grote schaal te debiteren. Het zou nimmer bij haar opkomen enorme onwaarheden te vertellen en zij zou niet willen geloven, dat anderen de brutaliteit zouden hebben de waarheid op zo onbeschaamde wijze te verdraaien", was getekend, A. Hitler.

Het falen -als het niet erger is- van Klaas De Vries met betrekking tot de beveiliging van Fortuyn is dermate evident, dat een ieder die zitting neemt in een commissie die moet onderzoeken of de minister al dan niet iets te verwijten valt, daardoor al bewijst dat hij niet integer kan zijn. Als Nederland nog een rechtsstaat zou zijn geweest, dan was het onderzoek naar de schandalige tekortkomingen in de beveiliging van Fortuyn ogenblikkelijk in handen gegeven van het openbaar ministerie, om te bezien of de minister van Binnenlandse Zaken of anderen dood door schuld ten laste zou kunnen worden gelegd.

Ook het feit dat een van de grootste bestuurlijke criminelen van Nederland, mr. R. J. Hoekstra, in de commissie van der Haak zit, bewijst dat hier een schandelijke afdekoperatie wordt uitgevoerd. Hoekstra is namelijk meerde malen door de Tweede Kamer op de vingers getikt, omdat hij archiefmateriaal over de Inlichtingendienst Buitenland en over vuile zaakjes van Lubbers en Kok bewust en volstrekt illegaal door de papiervernietiger heeft gehaald. Hoekstra werd ook door Kok van stal gehaald, om middels een onderzoek à la Van Kemenade de parlementaire enquête Bijlmermeer te voorkomen. Tijdens deze enquête viel Hoekstra als een aartsleugenaar door de mand. Helaas past het geheugen van de vaderlandse pers in een halve speldenkop. Of zou het feit dat er geen kritiek komt op de benoeming van Hoekstra iets te maken hebben met het feit dat dit oliemannetje van Kok lid is van het curatorium van het perscentrum Nieuwspoort in Den Haag? Tijdens de parlementaire enquête Bijlmermeer spraken kroongetuigen elkaar op kardinale punten onder ede tegen. Maar niemand werd aangeklaagd wegens meineed. Daarmee werd ook het zwaarste middel tot waarheidsvinding binnen ons politieke bestel een farce. Om maar heel eerlijk tegen u te zijn, ik geef geen cent meer voor deze zogenaamde democratie. Het is gewoon wachten op de grote klap.

Behalve de verkankering van wat eens een rechtsstaat was, is er nog een oorzaak waardoor de waarheid rondom de moord op Fortuyn wel nooit boven water zal komen, namelijk het feit dat mensen kuddedieren zijn. Hun neuzen staan vrijwel altijd in dezelfde richting. Slechts weinigen hebben de moed om op hun eigen kompas te varen. Wie in dit land ook maar suggereert dat achter de moord op Fortuyn wel eens een politiek complot zou kunnen zitten, wordt keihard uitgelachen en tot complotgek bestempeld. De wijd verbreide opvatting dat complotten in dit land gewoon niet voor komen, vormt nu juist de perfecte voedingsbodem voor samenzweringen, omdat ieder correctiemechanisme daardoor per definitie wordt uitgesloten. Analoog daaraan vormde onze collectieve overtuiging dat politieke moorden in Nederland niet voor komen, de perfecte omstandigheden om er een te plegen.

Rondom de moord op Fortuyn hebben zich merkwaardige zaken voorgedaan -ook daarover later meer- die wijzen op meerdere betrokkenen. Toch wist justitie zo ongeveer een uur na de moord al te melden, dat Volkert van der G. in zijn eentje opereerde. Als geen ander besef ik, dat complottheorieën bij politieke moorden altijd de kop zullen opsteken, ook als de moordenaar inderdaad een solistisch opererende gek was. Maar dat ontslaat ons niet van de plicht om met een open mind en in volstrekte onafhankelijkheid zo goed mogelijk te onderzoeken wat er nu echt gebeurd is. Maar een dergelijke geestelijke instelling ligt boven polderniveau en lokt een vernietigende reactie uit van alles dat kan afbreken in deze lage landen. Ook in de groep van vijftig rechercheurs die de moord op Pim Fortuyn onderzoeken, zal hetzelfde dodelijke mechanisme zijn werk doen.

Bijgaand treft u het artikel van Henk Rijkers uit het Katholiek Nieuwsblad van 24 mei 2002. Wat mij betreft verdient Henk de Pulitzer prijs voor zijn stuk. Niet zozeer voor de inhoud, maar voor zijn open mind, zijn moed en zijn liefde voor de waarheid. Helaas is KN niet meer in de kiosk te verkrijgen. Dat is doodzonde, want ze is samen met deze site zo ongeveer het enige nog echt onafhankelijke medium in dit land. Via www.katholieknieuwsblad.nl kunt u een abonnement nemen. Ik roep de lezers van deze site op om dat te doen. Ook als u geen katholiek bent en zelfs als u pertinent geen katholiek zou willen zijn. Met deze oproep dien ik geen enkel commercieel doel, maar probeer ik alleen nog iets te redden van de persvrijheid in dit land.

Dick Berts.
journalist  (Bron: www.theovangogh.nl)

(Door Wierd Durk, Berlijn, 21 mei 2002)

Vanuit Berlijn, waar hij werkt, keek journalist Wierd Duk naar de turbulente ontwikkelingen in de Nederlandse politiek. Hij verbaasde zich over de partijdige rol van de media.

'Ook ik walgde van de hetze tegen pim fortuyn in de nederlandse media en leverde het volgende opiniestuk aan de GPD-kranten, waarvoor ik in Berlijn correspondent ben. dat verhaal werd afgewezen wegens 'een gebrek aan kwaliteit. Ik zou zeggen: oordeel zelf.'

'De media moeten mij niet voorschrijven wat ik moet denken'

Wat weten wij, meer dan een week na de moord op Pim Fortuyn, over Volkert van der G.? Veel te weinig. Hoewel Van der G. als milieu-activist een openbaar leven leidde en zijn opvattingen eenvoudig op het internet te vinden zijn, komt het profiel van de verdachte slechts in brokstukken tot ons. Dit gebrek aan informatie heeft, naar mijn stellige overtuiging, ook te maken met de terreur van de politieke correctheid in Nederland. Zo hoorde ik onmiddellijk nadat De Telegraaf een poging had gedaan om het links extreme milieu in kaart te brengen, gemopper bij het o zo correcte Radio I Journaal. De Telegraaf, die een link waagde te leggen tussen de moord op Fortuyn en extreemlinks! Foei, toch. Aangezien tachtig procent van de Nederlandse journalisten zegt op een linkse partij te stemmen, is het aannemelijk dat veel collega's een psychologische barrière moeten overwinnen wanneer zij geacht worden aantijgingen tegen linkse organisaties te onderzoeken.

In plaats van feiten op te rakelen - hoe pijnlijk die voor de door Fortuyn zo kostelijk bespotte 'linkse kerk' ook mogen zijn - houden de Nederlandse media zich liever bezig met opinieren. Werkelijk elke krant, elk tijdschift en zelfs tv-programma's hebben tientallen columnisten in dienst die, zo lijkt het, de ouderwetse ambachtslieden van de pagina's hebben verdrongen.
Waar ik onthullingen wil lezen over Van der G. en de obscure wereld waarin die man verkeert, tref ik opinies aan. Het opmerkelijke is: die meningen zijn helemaal niet interessant want de Nederlandse media zijn onder de druk van de politieke correctheid nagenoeg gelijkgeschakeld. Nadat Fortuyn eerst vilein was neergezet als een extreemrechtse oproerkraaier, een racist en fascist, is nu iedereen het erover eens dat Fortuyns advocaten met hun aanklacht tegen politici en journalisten 'op onverantwoordelijke wijze polariseren'. De suggestie dat politici en media, in die verbijsterende hetze die de afgelopen maanden tegen Fortuyn is gevoerd, wel degelijk hebben bijgedragen aan het ontstaan van een klimaat waarin een doorgedraaide links-extreme gek de trekker overhaalt, wordt woedend terzijde geschoven.

Het kennelijke gebrek aan nieuwsgierigheid en journalistieke inzet, heeft ook de beeldvorming van Fortuyn bepaald. In plaats van te onderzoeken wie Fortuyn was, waar de man vandaan kwam en welke mensen zijn electoraat vormen, werd hij van begin af gereduceerd tot een karikatuur.
Hetzelfde overkwam het weekblad Elsevier toen dat als enige medium in Nederland wél aandacht besteedde aan het multiculturele drama dat zich in ons land afspeelt. Elsevier werd gemakkelijk weggezet als 'extreemrechts'; gemeenteleden van de politiekcorrecte kerk lazen Elsevier helemaal niet of, zoals Felix Rottenberg toegaf, ze lazen het blad met daarin de columns van Fortuyn heimelijk 'in de kiosk'.

Elsevier deed wat andere, vooringenomen redacties nalieten: degelijk onderzoek. In tientallen reportages en analyses werd de culturele revolutie die zich in Nederland afspeelt, en die in de opkomst van en de moord op Fortuyn een dramatische climax bereikte, beschreven. De rest liet het veel te lang afweten. Pas toen een ingehuurde - en onverdacht linkse - publicist, Paul Scheffer, het thema in NRC Handelsblad aan de orde stelde, werd begonnen aan een inhaalslag. Met name in de Letter & Geest-bijlage van het dagblad Trouw werd de multiculturele samenleving daarna kritisch onderzocht.

Je zou denken: we hebben de boot gemist, vanaf nu doen we het anders. Maar wat hoor ik, als ik Nederland binnenrijd? Presentatrice Harmke Pijpers die zich voor de publieke omroep 'ernstige zorgen maakt over de kwaliteit van Fortuyns electoraat'. Onder journalisten staat Pijpers in haar elitaire dédain voor de aanhangers van Pim niet alleen. Een van die vele krantencolumnisten wil zelfs emigreren omdat het 'onderontwikkelde deel van de natie' bezit zou hebben genomen van de straat, NRC Handelsblad waarschuwt in een bespottelijk alarmistisch hoofdredactioneel voor Fortuyns vermeende racisme en Thijs Berman, correspondent van Radio I in Frankrijk, betuigt voor de microfoon spijt voor zijn incidentele medewerking aan het 'Fortuyn-blad' Elsevier. Die Thijs, het valt werkelijk niet mee om goed te zijn na de oorlog. Ik luister, lees en kijk en constateer dat in Nederland met Fortuyn blijkbaar ook het journalistieke ambacht ten grave wordt gedragen.

Journalisten zijn, net als die stamelende politici, zemelende dominees die mij vertellen wie goed, fout, gevaarlijk of juist zo verschrikkelijk fatsoenlijk is. Ik krijg er uitslag van. Hou eens op de heilige boon uit te hangen en mij voor te schrijven wat ik moet denken! Ga de straat op, naar de plekken waar Pim Fortuyn kennelijk wel zijn oor te luisteren had gelegd. En vertel me dan hoe het zit.

Wierd Duk
(Wierd Duk is correspondent van de GPD in Berlijn, tussen 1994 en 2001 was hij correspondent voor o.m. Elsevier in Moskou, Bron: www.theovangogh.nl)

(Uit: Pam wordt Paranoïde van journaliste Pamela Hemelrijk)

Ik zei haar dat ik gegriefd was; dat ik van iemand met wie ik 30 jaar lang lief en leed heb gedeeld, toch minstens the benefit of the doubt had verwacht. En dat ik eigenlijk niet meer wilde wonen in dit land, waar de pers onder één hoedje speelt met de politiek. Het bleef even stil. Toen zei ze aarzelend: "Is het in andere landen soms béter dan?" "Daar heb je die eeuwige dooddoener weer", riep ik verhit. "Is dat de enige troost die je me te bieden hebt? Dat er ook landen bestaan waar je in het gevang gesmeten kunt worden om wat je schrijft? D'r zijn altijd wel erger dingen te bedenken. In de Sahel hebben ze niks te eten! Op de maan kun je niet eens adem halen! Moet ik daarom lijdzaam toezien hoe hier de persvrijheid geruisloos om zeep wordt geholpen?" En ik smeet dol van drift de hoorn erop. Als ik niet uitkijk raak ik door de affaire-Fortuyn niet alleen mijn baan kwijt, maar ook - wat veel erger is - mijn beste vriendin. En ik heb een bruin vermoeden dat ik niet de enige ben die in zo'n netelig parket zit.

Op de dag van de verkiezingen heb ik een aanval gekregen van wat je met een gerust hart paranoia mag noemen. Nederland ging ter stembus, maar aan de uitzendingen op Ned 1, 2 en 3 was daar hoegenaamd niets van te merken. Het was allemaal soaps, voetbal en spelletjes wat de klok sloeg. Op de informaatsiezender Radio 1 een item over het blokkeren - door omwonenden - van de vestiging van een nieuw asielzoekerscentrum in Brabant. De omwonenden hadden gezamenlijk de bewuste villa gekocht, zodat het COA ernaast greep. Omwonenden heb ik niet gehoord. Ze interviewden alleen de lokale directeur van het COA, die uiteraard pisnijdig was op die omwonenden. Toen een item over zwarte scholen. Toen het nieuws dat dat "de kosten van de geneesmiddelen de komende vier jaar met zus of zoveel procent zouden stijgen". (Voor het geval de luisteraars nu nóg niet wisten dat Fortuyn zijn plannen niet deugen wegens het ontbreken van financiële onderbouwing, neem ik aan.) De calculaties waren afkomstig van het Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu in samenwerking met het Centraal Planbureau en werden, o wonder van toevalligheid, uitgerekend vandaag openbaar gemaakt. En tenslotte, als kroon op het werk, een interview met Jan Pronk. Eerste vraag van Karel van de Graaf: "Is het waar dat u na de moord zelf bent bedreigd? Is het niet verschrikkelijk dat u zich nu achter geblindeerde ramen moet schuilhouden?"

Ik nam mijn toevlucht tot Teletekst. "Premier Kok heeft alle stemgerechtigde Nederlanders opgeroepen om met verstand te gaan stemmen", las ik. "Hij zei vandaag in het NOS-Journaal dat een stem geldt voor vier jaar, en dat een herkansing onmogelijk is." (Onmogelijk? Wat gaan we nou krijgen? Heeft de premier er nog nooit van gehoord dat in een democratie elke regering in een handomdraai ten val kan worden gebracht door de zogenaamde "volksvertegenwoordiging", als dat nodig mocht zijn?)


"Na de dood van Pim Fortuyn", vervolgde Teletekst, "zijn de emoties hoog opgelopen, aldus Kok. Toch is het volgens hem belangrijk niet alleen vanuit het gevoel te gaan stemmen. In het RTL-programma Barend en Van Dorp zei de premier dat hij het jammer vindt dat de campagne geheel stil is komen te liggen. Hij zei met pijn in het hart afscheid te nemen als premier." (Het understatement van de eeuw, mag ik wel zeggen.) "Maar mijn besluit vast staat", aldus Teletekst. ("Vast staat?", mompelde ik. "Ikke niet begrijpen. Kok een beetje in de war zijn, misschien?") Maar de kijkers waren blijkbaar nog steeds niet goed genoeg voorgelicht door deze uitzending in het kader van de door de regering aan de PvdA ter beschikking gestelde zendtijd. "Demissionair premier Wim Kok", ratelde Teletekst verder, "vindt de Lijst Pim Fortuyn (LPF) een partij zonder cohesie met nauwelijks wortels. Stemmen op de LPF is volgens hem een riskant avontuur. Want er is weinig stabiliteit te verwachten van deze partij, aldus Kok vandaag in Ontbijt TV." (O, dat woord stabiliteit: hier werd alvast - uiterst behoedzaam - een maatschappelijk draagvlak gecreëerd voor het uitroepen van de noodtoestand, het installeren van een crisiskabinet en het inschakelen van het leger om rust en orde te handhaven. Althans, dat hoorde ik erin, in mijn paranoide toestand. Mijn hart zonk in mijn schoenen.) "Zakenman Joep van den Nieuwenhuijzen, die wel minister voor de LPF worden wil, noemde hij iemand die niet weet waar hij over praat. De premier zei verder zich grote zorgen te maken om zijn politieke erfenis. Hij zocht de afgelopen dagen nadrukkelijk de publiciteit om te proberen het tij te keren voor zijn partij, de PvdA. Ik zet iedere vezel in m'n lichaam in om duidelijk te maken waarom stemmen op ons, op mijn partij, belangrijk is, aldus Kok."

Tot zover Teletekst, op de dag van de verkiezingen. (Ik dacht aan de woorden van Pim Fortuyn, onmiddellijk na de taartsmijterij: "U bent ook MIJN minister-president". Kort tevoren had ik mijn advocaat gebeld, een door en door integer iemand, die mij al twee jaar belangeloos bijstaat in een tijdverslindend proces dat Louis van Gasteren tegen mij heeft aangespannen. Waar vind je zo'n onbaatzuchtig mens vandaag de dag nog, in de advocatuur. Nú had ik hem nodig omdat ik, wegens het lekken van interne memo's over de kwestie-Fortuyn (de grootste journalistieke doodzonde is namelijk niet liegen, maar lekken) met ontslag werd bedreigd. Ik had me niet in zijn onkreukbaarheid vergist: hij zei ruiterlijk dat hij in dit geval niet de aangewezen persoon was om mij te vertegenwoordigen, gezien zijn nauwe banden met - de PvdA. Hij is namelijk fractievoorzitter van de PvdA geweest in de Amsterdamse raad, heeft het verkiezingsprogramma helpen schrijven, en is in een adviserende functie betrokken bij de campagne. Ik vind het fideel van hem dat hij zich in deze heeft verschoond, zoals dat in vakjargon heet. Teneinde elke schijn van partijdigheid te vermijden, zoals dat in vakjargon heet. Daar zouden - onder ons gezegd en gezwegen - heel wat rechters en politici een voorbeeld aan kunnen nemen. Er zitten ook rechtschapen mensen bij die partij, wil ik maar zeggen. Dat u vooral niet denkt dat ik ze allemaal over één kam scheer. Ik heb intussen besloten dat ik het ook wel zonder advocaat af kan. En zéker zonder een jurist van de vakbond, die toch alleen maar gaat zitten muggenziften over de kleine lettertjes in mijn arbeidscontract. Terwijl ik die helemaal niet als argument wíl aanvoeren, zelfs niet als ze in mijn voordeel pleiten. Het gaat namelijk, in mijn ogen, om iets veel fundamentelers dan dat. Ik wens dat arbeidscontract niet te erkennen; want het legt mij, op straffe van ontslag, geheimhoudingsplicht op. En als zelfs journalisten geen openbaarheid mogen betrachten, waar moet het dan heen met ons?
Het klamme zweet brak me uit. Ik belde mijn baas. "Chef", riep ik. "Heb je de radio en de tv aan? Nederland gaat ter stembus, en de publieke omroepen zenden reportages uit over de suikerbietenoogst! Ik waan mij op Cuba! Het lijkt wel een nachtmerrie! Chef: ze vertikken het om de macht af te staan!" "Werkelijk?", sprak mijn baas luchtig. "De zenders zijn dus uit de lucht gehaald, als het ware. Nou, ik zal je eerlijk zeggen: ik vind het ook wel een beetje een bloody shame hoor, wat Rosenmöller allemaal over Fortuyn heeft gezegd." "Chef", zei ik. "Hoor je wat ik zég? Ze zijn een soort stille staatsgreep aan het beramen! En jouw redactie zit ondertussen nog steeds de persberichten van het ministerie over te schrijven! Zie je het dan niet, chef? Niemand interesseert zich meer ene fuck voor wat er in de kwaliteitskranten staat! Iedereen is aangewezen op de dorps-tamtam!

Steeds meer dissidente journalisten vluchten het Internet op met hun geweigerde verhalen! Pauline Sinnema, starreporter van het Parool, heeft ook nog een interessant stuk liggen dat ze niet langs haar hoofdredactie heeft kunnen krijgen! Het zou me niks verbazen als dat straks eveneens opduikt op een website! Dóe iets, chef! De tijd van lunchen met de PCM-directie is voorbij! Ach, laat ook maar zitten. Straks geeft de directie jouw baan aan Bram Peper. Slaap maar rustig verder. Toedeloe."
Plotseling begon ik achter iedere boom een BVD-agent te zien. Sinds de moord word ik namelijk van alle kanten bestookt door lui die mij voor hun kar proberen te spannen. Zijn dat lui die werkelijk "het gedachtengoed van Pim Fortuyn willen voortzetten, omdat de kandidaten op de LPF-lijst daarvoor niet geschikt zijn", of zijn het lui van de BVD, die langs deze weg tweedracht proberen te zaaien bij de oppositie? Het zou namelijk de eerste keer niet zijn: vanaf de jaren zestig tot ver in de jaren tachtig heeft de BVD stelselmatig geprobeerd om alles wat ter linkerzijde van de PvdA politiek actief was onschadelijk te maken door sabotage van binnenuit. Met wisselend succes. Vraag maar aan Jan Marijnissen. ("Ratfucking", noemen ze dat in de VS: je dropt in het kamp van je politieke tegenstanders een infiltrant, die daar moedwillig de ene rel na de andere ontketent. De kwaliteitskranten melden vervolgens braaf dat de beweging verscheurd wordt door interne twisten, en veel te instabiel is - daar heb je dat angstaanjagende woord weer - om te regeren.) Die lui die mij voor hun kar proberen te spannen, die heb ik teruggemaild dat ik journalist ben; geen politica. Laat ánderen maar strijden om de macht; ik heb mijn handen al vol aan de strijd voor de persvrijheid. "U zou toch zeker niet willen", heb ik eraan toegevoegd, "dat ik nu óók mijn positie als columnist ga misbruiken om voor mijn favoriete partij te lobbyen? U gelooft toch niet in ernst dat ik in dezelfde valkuil ga trappen als Paul Witteman, Sonja Barend, Mark Kranenburg en Hans Wansink?"

En zo is dan nu de tijd aangebroken dat je niemand meer kunt vertrouwen; dat je je staande moet houden temidden van machinaties die veel weg hebben van de intriges aan een Middeleeuws hof. Insiders hebben mij verzekerd dat mijn telefoon nu wel zal worden afgetapt door de BVD. Eerst geloofde ik het niet, en het kon me bovendien geen moer schelen als het wél zo was, want ik heb niks te verbergen. Maar nu zit het me toch niet lekker meer. De vrouw van Bob Smalhout wil liever niet dat haar man zich nog met politiek bemoeit; ze is een beetje bang. En ineens dringt het tot me door wat ik allemaal, (mij volkomen veilig wanend in deze democratische rechtsstaat) over ambtelijke corruptie heb geschreven in de afgelopen jaren. Mocht de zittende politiek er werkelijk in slagen om de oppositie geheel monddood te maken (en dat sluit ik niet uit, als aartspessimist), dan zal de staat mij voortaan niet bar vriendelijk gezind meer zijn. Dan sta ik voortaan te boek als een subversief element. En aan wie moet ik dán mijn artikelen nog slijten? Ik kan ze nú al aan de straatstenen niet meer kwijt!

Bovendien zullen er dan op termijn wel relletjes uitbreken, waarna de ME zal worden ingezet, waarna de boel verder escaleert, waarna de politiek zich, ter handhaving van rust en orde, helaas genoodzaakt zal zien het leger in te zetten, enz. enz. Ik zie al helemaal voor me hoe Maartje van Weegen en Sonja Barend, op honingzoete toon, aan de kijkers zullen uitleggen dat hiertoe is besloten in het landsbelang. Ja, lach me maar uit, maar daar maak ik mij zorgen over.

Pamela Hemelrijk 

Fortuyn waarschuwde voor links geweld tegen rechtse politici

(Bron: HP / De Tijd brengt gecensureerde column van Pim Fortuyn over aanslag tegen Filip Dewinter - 21 mei 2002)

Officier van Justitie Amsterdam weigert op te treden tegen daders want “niet gekend”

Het Nederlandse weekblad HP/De Tijd brengt deze week postuum een column van Pim Fortuyn over Filip Dewinter. Het gaat om een opiniestuk dat geweigerd werd en dat ertoe leidde dat Fortuyn ontslagen werd door de website www.nu.nl. Pim Fortuyn neemt in zijn column de verdediging op van Filip Dewinter toen die op 24 september 2000 in Amsterdam gemolesteerd werd voor en tijdens de opnames van het tv-programma ‘Buitenhof’:

DE COLUMN DIE NIET MOCHT

Filip Dewinter van het Vlaams Blok was even te gast in Nederland. Nu, hij heeft het geweten! Het NOS-programma Buitenhof had hem gevraagd te verschijnen voor een interview. Nauwelijks gezeten, wordt hij aangevallen en besmeurd met chocolade, en ook daarna gaat het getrek en geduw nog even door. Interviewer Peter van Ingen springt niet tussen belagers en slachtoffer, maar stelt zich terzijde op. Vervolgens wordt door collega-actievoerders voor het raam van de studio zoveel vuurwerk afgestoken dat van een studiogesprek geen sprake meer kan zijn. Sterker nog, Dewinter moet zich het vege lijf redden en laat zich met een politiebusje afvoeren. De camera zoemt vervolgens in op de verschrikkelijk toegetakelde BMW van Dewinter en signaleert op de achterbank van Dewinters auto zeer nadrukkelijk een boek getiteld De moeder van Rudolf Hess. Ik ken dat boek niet, maar het is duidelijk welke boodschap de NOS ons wil mee geven: deze man deugt niet, dat is een fascist!

Zelden heb ik zoiets lafs gezien. Een door velen belaagde man en de NOS die niet over dat feit verontwaardigd is en haar gast te vuur en te zwaard verdedigt, maar laat zien dat de man niet deugt en dus terecht op deze wijze wordt behandeld, zo is de beeldsuggestie.

Voor de actievoerders natuurlijk geen goed woord. Met een overmacht iemand maltraiteren en daarbij methoden gebruiken die fascisten en nazi’s niet vreemd waren. Letterlijk Dewinter de mond snoeren, hem fysiek bedreigen en zijn eigendommen zwaar beschadigen. De politie was uiteraard in geen velden of wegen te bekennen, en op een enkele moedige studiomedewerker na mocht Dewinter het zonder NOS-steun stellen, integendeel!

De politie weet in dit land nooit iets als het gaat om links geweld, laat staan dat de BVD iets weet, en ook hier zullen de daders wel niet worden opgepakt. De aanslag op de vriendin van Janmaat (CD), waarbij zij een been verloor, is nooit opgelost, en van enige schadevergoeding van overheidswege is nimmer sprake geweest. Elke boer die in dit land kampt met van de natuur gegeven wateroverlast kan op schadevergoeding rekenen, een rechtse politicus als Janmaat mag rekenen op een terugvordering van subsidies van de staat omdat de publicaties van zijn politiek wetenschappelijke bureau niet wetenschappelijk genoeg zouden zijn. Alsof die van de PvdA, de VVD, het CDA, laat staan van D66, dat wel zijn. In een wetenschappelijk jasje verklede propaganda, meer is het niet. Janmaat wordt gewoon nog even met terugwerkende kracht getreiterd, door het roemruchte poldermodel. De RaRa-acties tegen de Makro, waarbij menige Makro in vlammen opging - reden voor de familie Fentener van Vlissingen om de boel maar te verkopen - acties van dierenvrienden tegen veevoerders die hun vrachtauto’s in vlammen zagen opgaan en acties tegen de Shell-pompstations (in verband met de terechte afzinking van de Brent Spar in de Atlantische Oceaan), brandstichting en het doorsnijden van slangen en dergelijke: nooit opgelost, ondanks die grote bek van de BVD (u weet wel, die Docters van Leeuwen) dat zij precies wisten wie achter de acties zaten. Ook de aanslag op de toenmalige staatssecretaris van Asielbeleid, Aad Kosto (PvdA) is nooit opgelost.

“Ondertussen zijn kabinet en Kamer weer bereid om deze incompetente lieden, Openbaar Ministerie, politie en BVD voor hun fantastische werk voor de zoveelste keer vele tientallen miljoenen toe te schuiven. Vrouwe Justitia behoort blind te zijn, maar is dat allerminst. Op inspraakavonden voor de oprichting van een asielzoekerscentrum in het een of andere gehucht in Nederland, met camera’s aanwezig om mensen die zich onzorgvuldig uitlaten te kunnen beschuldigen van discriminatie en te vervolgen, maar bij Filip Dewinter niet preventief aanwezig zijn. Mensen van de zogenaamde autonomen die zich in de Volkskrant met naam en toenaam bekend maken, mogen mij en de Elsevier op grote affiches afbeelden naast een genoeglijk portret van Hitler. Het OM doet niets; daar moet je maar tegen kunnen! Ik had wel eens willen weten wat er was gebeurd indien ik niet toevallig wit, maar gewoon lekker zwart was!”

Het feit dat het Nederlandse gerecht nu elke vervolging van de aanvallers van Dewinter uitsluit op basis van het feit dat dezen "niet gekend" zouden zijn, terwijl minstens één van de betrokkenen wel degelijk gekend is en zelfs een tv-interview gaf over de feiten, toont aan dat er zich in Nederland wel degelijk een probleem stelt met het gedoogbeleid ten opzichte van extreem-linkse terreur. De vele waarschuwingen van Pim Fortuyn zijn uiteindelijk visionair gebleken.